Een dagje ouder

Als ik aan Donna denk, dan hoor ik haar pootjes al parmantig over het laminaat trippelen. Vooral ’s nachts is dat bijzonder goed te horen. Ze komt naderbij, stopt even en dan voel ik het gewicht van haar warme lijfje op het voeteneinde. Of op het kussen naast me. Nooit te dicht bij, want dat past niet bij haar.
Helaas doet Donna niet, of amper nog aan hoogten. Ze is een dagje ouder geworden. Ze had al langer last van artrose, maar na een behandeling onder narcose is het veel erger geworden. Je ziet haar waggelen en je houdt je hart vast, want het ziet eruit alsof ze elk moment om kan vallen. Maar dat gebeurt niet.
Het gaat goed met haar, zegt haar baasje, want ze beweegt weer wat meer. Een tijd lang was dat dat wel anders. Ze lag alleen nog maar op haar vloerkussen, want daarvoor hoefde ze niet te springen. Maar sinds ze medicatie heeft gaat het stukken beter. “Zolang zij het leuk heeft, blijft ze bij me,” zegt haar liefdevolle baasje. Donna is ook een poes om van te houden. Daarom heeft haar baasje een trappetje voor haar gekocht. Het duurde even voordat ze het door had, hoe zoiets werkt. Haar op de onderste tree helpen was het steuntje in de rug dat ze nodig had!
Nu klautert ze de trap op en af om op haar geliefde stoel te kunnen liggen. En heel soms, als het zonnetje erop schijnt en als niemand kijkt, is ze plots in staat zonder hulpmiddel op de bank te springen om daar een dutje te doen.
Op het bed springen, dat doet ze niet meer. Maar haar baasje heeft al een trap voor dat doel besteld!

Nogmaals Cats

Toeval bestaat niet: schrijf ik een stukje over het epische lied ‘Memories’ uit de musical Cats, blijkt er slechts enige dagen daarvoor een gelijknamige film uitgebracht te zijn! Daar gaat mijn hart toch wel wat sneller van kloppen…
Helaas zijn de kritieken op de film niet mals, en vallen de bezoekersaantallen vies tegen. Vergeet wat ik zei over een enigszins saaie verhaallijn, dat valt natuurlijk in het niet bij de kwalificatie “the worst thing to happen to cats since dogs”. En dit ondanks een uitgebreide sterrencast: Lady Judy Dench, Ian McKellen, James Corden, Jennifer Hudson, Taylor Swift, Idris Elba en Rebel Wilson verleenden hun medewerking aan de film. Een korte zoektocht naar wat er precies misging bracht vooralsnog niets nieuws voor het voetlicht: commentaren als ‘een iel plot’ en ‘creepy computeranimatie’ zijn voor de hand liggend – naar het schijnt klaagde een van de hoofdrolspelers dat zijn gewoonlijk welgevormde zaakje was weggepoetst – en leerden mij niets wat ik nog niet wist.
Als Crazy Cat Lady kan ik natuurlijk niets anders doen dan -wellicht tegen beter weten in – mijn eigen mening te vormen en de film gewoon te gaan zien!

Herinnering

Wie het over kattenmuziek heeft, kan de musical ‘Cats’ natuurlijk niet overslaan. Mijn eerste keus gaat daarbij zonder twijfel uit naar het epische ‘Memory’.
Hoewel ik het verhaal van de musical zelf als enigszins saai heb ervaren, is dit lied onvergetelijk. Glamourpoes van weleer Grizabella weet dat zij weldra zal sterven. Omdat haar uiterlijk niet meer is wat het was, werd zij de laatste jaren van haar leven door de jongere katten bespot en beschimpt. Voor zij dit leven verlaat en aan een volgend begint, wil zij nog eenmaal van zich laten horen.

Maar wie vertolkte dit hoogtepunt uit de musical, dat vereist dat de artieste ook de hoge noten kan halen, het best? Na het beluisteren van een keur aan zangeressen verkrijgt Elaine Paige uiteindelijk de voorkeur. Terwijl mijn eerste gedachte uitgaat naar Barbra Streisand.
Waarom? Omdat Paige in dit nummer, dat vereist dat de vertolkster flink uit kan halen, toch een hoge mate van ingetogenheid aan de dag weet te leggen. De manier waarop zij de opbouw van het lied weet uit te voeren is daarbij subliem.

Broertjes

Georgie en Lennie waren broertjes. Dat gezegd hebbende, ze leken niet veel met elkaar te hebben in het dagelijks leven. Je zag ze nooit in elkaars gezelschap, behalve als het etenstijd was. Hoewel beiden een prachtig dik glanzende zachte vacht hadden, die erom vroeg geaaid te worden. Wat ze ook allebei deden!
De broertjes waren uitgesproken buitenkatten. Ze waren grote delen van de dag en nacht de hort op, af en toe thuiskomend om een prooi af te dragen of om lekker burgerlijk brokjes te eten. Vooral Lennie was daar behoorlijk stipt in. Al geruim voor voedertijd stond hij paraat om zijn portie in ontvangst te nemen. Georgie wilde zijn neus nog weleens ophalen voor het ontbijt bestaande uit een handvol kattenbrokjes. Het is nooit helemaal duidelijk geworden waarom hij op dat moment liever in een van de terrasstoelen bleef slapen. Misschien vond hij het ontbijt maar karig, het is ook zeer goed mogelijk dat hij al een en ander verschanst had tijdens zijn nachtelijke strooptochten.
Wel waren beiden jongens allebei enorme knuffelkatten, Georgie iets meer dan zijn broer. Hij claimde een kroel door dwingend kopjes tegen je hand te blijven geven. Maar tegelijkertijd was hij de meest onvoorspelbare van de twee. Als je opmerkte dat zijn expressie veranderde en hij ongeduldig met zijn staart begon te zwiepen, dan was het oppassen geblazen. Doorgaans duurde het daarna niet lang voor hij uithaalde en zijn nagels in je vel zette. Niet fijn, want zijn killerklauwen waren erg lang en scherp…

Lennie poseert.

Lennie hield zich meer op de achtergrond dan zijn broer. Ondanks dat hij stipter omging met etenstijd bleef hij langere periodes achter elkaar weg. Thuis was hij de zachtere van de twee. Hij vroeg weliswaar om aandacht, maar niet zo aanhoudend als zijn broer. Desalniettemin was hij waarschijnlijk de wildste van beiden. Hoewel ze beiden met de regelmaat van de klok ‘presentjes’ afleverden bracht Lennie de grootste vangst ooit.
Ik hoorde hem van verre al aankomen, dankzij een gesmoord gemiauw dat me alarmeerde. Gelukkig was er niets met hem aan de hand, maar de hagedis die hij bij zich droeg was minder blij. Mijn vermanende schooljuffentoon maakte dat hij het dier losliet. De hagedis bleef als versteend zitten. We waren allemaal even in opperste verwarring, totdat Lennie hem met een voorzichtig pootje porde. Dat was voor het dier het teken het op een rennen te zetten. En Lennie kreeg van mij gewoon een aai, want andere beesten vangen is wat katten nu eenmaal doen…

Waar denk jij dat je naar toe gaat??

Iedereen wil een kat zijn!

Als kind had ik een boek over de Aristokatten waar ik dol op was. Voor zover ik mij kan herinneren, heb ik de gelijknamige tekenfilm echter nooit gezien. Hoe is dat mogelijk, vraag ik mij nu af… Behalve over katten, gaat het verhaal ook over jazzmuziek, en een goed liefdesverhaal versmaad ik evenmin.

Voor de potentiële geliefden nader tot elkaar komen, moet er wel een en ander gebeuren. Als butler Balthazar namelijk verneemt dat Madame Bonfamille haar vermogen zal nalaten aan haar geliefde katten in plaats van aan hemzelf, de loyale bediende, bedenkt hij een snood plannetje. Hij kidnapt mama Duchess en haar kittens naar een plek ver buiten hun woonplaats Parijs in de hoop ze nooit meer te zien. Hij houdt er echter geen rekening mee dat een kat altijd de weg naar huis terug weet te vinden! Zeker met de hulp van straatkat Thomas O’Malley moet dat lukken! Onderweg ontluikt er zelfs een romance tussen hem en Duchess. Dit verhaal moet haast wel goed aflopen! Het is de hoogste tijd dat ik me hiervan vergewis…

Afbeeldingsresultaat voor aristokatten

Niets dan liefde

In het verleden had Georgie ooit enorme pech gehad. Op een dag kwam hij thuis en zijn tong hing mijlenver uit zijn bek. Er was iets goed mis gegaan. De dierenarts slaagde erin hem op te lappen en hij werd beter. Op het eerste gezicht leek het wel alsof hij een enorme boef was: vaak zag hij eruit of hij stiekem zijn tong naar je uitstak. Maar wie goed observeerde, zag al snel dat zijn mondmotoriek niet helemaal naar behoren functioneerde. Het wassen van zijn eigen vacht zag eruit alsof het een moeizaam proces was. Gelukkig was het een eerzaam karweitje: Georgie’s pels was zacht, pluizig en glanzend. Heel aaibaar! En geaaid worden, dat vond hij heerlijk. Hij was het type kat dat heen en weer liep over en langs je laptop als je aan het werk was, tot je een plekje beschikbaar maakte op schoot. Om verheerlijkt de ogen dicht te knijpen en tevreden te spinnen als hij geaaid en gekriebeld werd. Hij kwijlde er zelfs een beetje bij, wat je goed kon merken als je met je hand onder zijn bek kriebelde. Maar dan!

Een subtiele waarnemer kon het mogelijk al zien aankomen! Wie door schade en schande met Georgie’s klauwen in aanraking was gekomen herkende de signalen al snel. Het wegkijken. Het versneld heen en weer zwiepen van de staart, iets vinniger dan even ervoor, toen de beweging nog tevreden leek te zijn. Georgie’s poezelige pootjes werden dan moordwapens! Zijn nagels haakten zich in je vlees en je kreeg ze er niet zomaar uit, zeker als je van schrik je hand terugtrok. Bovendien waren zijn nagels lang, wat heel vreemd was voor een poesje dat zowat dag en nacht buiten leefde, ravottend en jagend in de bossen en op heuvels.
Toch denk ik niet dat hij het opzettelijk deed. Eerder leek het alsof hij zich van de prins geen kwaad bewust was. Als ik hem boos terecht wees als het bloed uit zo’n diepe haal spoot (met dank aan antistollingsmedicatie) vertrok hij met de staart tussen de benen… Om niet lang erna weer terug te keren. Waarna hij gewoon weer op mijn schoot mocht plaatsnemen. Behalve een paar schrammetjes niets dan liefde van deze kat ontvangen!

Wie kan nou de meest aaibare vacht ter wereld weerstaan?

Van uitstel komt afstel

Opvallend genoeg gaan maar weinig nummers met het woord ‘cat’ erin echt over katten. ‘Cat in the cradle’ is een duidelijk voorbeeld hiervan. De inhoud van de tekst maakt duidelijk welk Nederlands gezegde daaraan verbonden is. De eerste coupletten handelen over een vader die nooit tijd voor zijn zoon heeft, want hij heeft het druk-druk-druk! Het laat zich raden dat mettertijd de rollen omgedraaid worden. De vaderfiguur gaat met pensioen en heeft eindelijk tijd met zijn zoon door te brengen, ditmaal heeft de zoon het te druk voor hem.
Ironisch genoeg schreef Harry Chapin het nummer kort na de geboorte van zijn zoon Josh in 1974, waarna het de hoogste regionen van de hitparade’s bereikte. Van meet af aan zei hij dat het nummer hem om die reden echt wat deed. Wellicht heeft het profetisch uitgepakt, want Chapin senior overleed al in 1981 aan de gevolgen van een verkeersongeluk. Laten we hopen dat het motto ‘van uitstel komt afstel’ voor hen niet is uitgekomen…