Reisverslag van een kat

Enkele jaren geleden kreeg ik dit boek van een vriendin. Omdat ik zoveel van katten hield, moest ik dat boek wel mooi vinden, zo luidde de insteek. Op de kaft prijkt dan ook een zin uit een artikel dat in The Guardian verscheen: “Iedereen die ooit ongegeneerd veel van een kat hield, zal dit boek met dankbaarheid lezen”.

A good read 💞 about a cat who loves his adopted human so very very much 😻  #boek #book #bookworm #agoodread #livre #kat #cat #kattern #kat… | Boeken,  Katten, Roman

Nana is een ruige kat die gewend is aan het leven op straat en niet veel met mensen op heeft. Zijn leven verandert radicaal zodra hij een zilverkleurige minivan uitkiest om zijn dutjes op te doen. Hij sluit vriendschap met de eigenaar van de auto, een jongeman genaamd Satoru. Die geeft hem lekkere hapjes in ruil voor het privilege hem te mogen aaien. Als Nana wordt aangereden neemt Satoru hem als vanzelfsprekend in huis. Hij gaat niet meer weg, want ze worden kat en baasje. Satoru is degene die hem de naam Nana geeft, het Japanse woord voor zeven. Een vroegere kat van Satoru, waar hij ook een bijzondere band mee had, heette namelijk Hachi, wat acht betekent. Toevallig heeft zijn staart ook de vorm van een zeven. Nana vindt de naam maar niets, maar laat het zich welgevallen: ze horen nu immers bij elkaar. Dit is het begin van een liefdesverhaal tussen mens en dier.

Na vijf jaar kondigt Satoru aan dat hij Nana – zonder dat hij uitlegt wat de reden is – niet meer bij zich kan houden. Ze vertrekken op een roadtrip waarbij ze het land doorkruisen en bij Satoru’s oude vrienden logeren. Het wordt snel duidelijk dat er iets vreemds aan de hand is. Bij de eerste tussenstop lijkt het er al op dat Satoru een nieuw huis voor zijn kat zoekt. Die is niet zo welwillend, want overal is wel iets wat hem niet bevalt: per slot van rekening heeft hij al een baasje. Waar Satoru heen gaat, daar wil hij ook heen. De liefde tussen kat en baasje is in tegenspraak met wat altijd over eerstgenoemde gezegd wordt: dat ze slechts houden van degene die hen voedt. “Katten zijn echt niet zo harteloos,” zegt Nana; “hoe zou ik hem ooit kunnen verlaten?”

In de loop van de reis kan gaandeweg niet meer ontkend worden dat er een duidelijke reden is voor de zoektocht. Satoru is ziek, ongeneeslijk ziek. Hij maakt een reis langs alle mensen die hem ooit lief waren. Pas op het laatste adres vindt hij een plekje voor Nana: bij Noriko, de tante die Satoru opnam toen zijn ouders overleden, toen hij nog maar een kind was. Dan pas kan hij sterven, wetend dat zijn geliefde kat een nieuw thuis heeft. En hoewel Nana niet welwillend is, accepteert hij het lot.

Hij krijgt een goed leven bij Noriko, maar Satoru vergeten doet hij nooit. Desondanks is het einde van het verhaal niet droevig. Nana krijgt de verantwoordelijkheid over een nieuwe kitten. Maar in het verschiet ligt het treffen met zijn geliefde baasje. Het deed me denken aan Rumi: “Out beyond ideas of wrong doing and right doing, there is a field. I’ll meet you there”.

Geef een reactie